Mechanismen van deelname
De toegang voor "derde landen" tot het Zevende Kaderprogramma is georganiseerd via hoofdzakelijk twee mechanismen.
Enerzijds staan alle activiteiten en topics open voor deelname door legale entiteiten uit derde landen. De internationale samenwerking dient in dit geval de algemene doelstellingen: wetenschappelijk-technologische partnerschappen bouwen op basis van wederzijds belang, bijdragen aan Europa’s competitiviteit en bijdragen aan de implementatie van Europese internationale verbintenissen en andere belangrijke beleidsdomeinen.
Anderzijds krijgen topics die om expliciete internationale samenwerking vragen het label "Specific International Cooperation Actions" (of "SICA"). Hier dient de internationale samenwerking voornamelijk om problemen aan te pakken op basis van wederzijds voordeel en/of gemeenschappelijk belang. De prioriteiten voor de Specific International Cooperation Actions worden in samenspraak met de betrokken International Cooperation Partner Countries vastgelegd.
De Specific International Cooperation Actions zijn onderhevig aan alternatieve regels voor deelname. Een samenwerkingsproject ("Collaborative project") vereist de deelname van minstens vier legale entiteiten waarvan twee uit lidstaten en/of geassocieerde landen en twee uit derde landen. Voor een coördinerende of ondersteunde actie ("Coordination & Support Action") is het vereiste aantal legale entiteiten uit derde landen vastgelegd in het betreffende werkprogramma. Veelal is een bepaalde regio geviseerd.
Aanvullend op de Specific International Cooperation Actions kan elk afzonderlijk werkprogramma nog bijkomende mechanismen van internationale samenwerking voorzien.